Rondzendbrieven uit 2001

Rondzendbrief nummer 2 / maart 2001
                           
Beste familie, vrienden en andere meelevenden.

Kerkelijk leven we nog steeds mee in de Evangelische Presbyteriaanse Kerk van Peru. Het was een actieve zomervakantie (januari en februari). Allereerst de jaarvergadering, die aansluitend op de zondagmorgendienst werd gehouden. Er werd geëvalueerd en opnieuw voor het hele jaar gepland. Iedereen mocht ideeën aandragen en leden stemden over ieder voorstel waaraan de dominee en de ouderlingen hun toestemming gaven. De overvloed van bananen in dit land wordt op zo'n moment gewaardeerd: het zijn goede en goedkope hongerstillertjes voor de kinderen, die ook moesten wachten tot we om 14.30 uur uitgingen voor het warme eten. Met de vrouwenvereniging presenteerden we twee vakantiecursussen. Eerst drie middagen kralen van papier maken, lakken en zó elegante dameskettingen rijgen. Toen gaf ik de cursus "Europese keuken", met o.a. erwtensoep en oliebollen bakken, wat goed in de smaak viel. Het was onderwijl buiten 33 graden, maar over het bijbehorende klimaat volgens Nederlandse begrippen, hebben we het maar niet gehad. Eind februari was de Bijbel-vakantieclub, 5 middagen, waar altijd vier keer zoveel kinderen komen als op de zondagsschool. Tot slot werd er zondag j.l. een jongeman gedoopt en meteen werd het avondmaal van onze Heere Jezus gevierd. Het is fijn om in deze goede sfeer mee te mogen doen. In deze cultuur staat uw en ons project "Bethesda". We zijn blij met de continuïteit en stabiliteit waarin het draait.

  Straatbeeld van Trujillo

De patiënten waar de Betesda-zorg in dit stadium op gericht is, zijn als volgt te omschrijven:

1. De "zwaluwen": Dit zijn de mensen die uit de armste streken van het Andesgebergte komen, om gedurende de oogst- en zaaitijd hier op de akkers dagloner te zijn. Meestal zijn ze met het hele gezin gekomen; iedereen werkt mee, van groot tot klein. Hun bezittingen zijn dan: de kleren die ze aan hebben en een oude pan om op een vuurtje wat te koken. Ze leven in ongelooflijke condities: samengepropt in één kamer of hok, zonder hygiënische voorzieningen. Meestal zijn ze analfabeet.... Ze zoeken misschien pas een arts als er gevaar is. Zo ook die moeder met het kindje met zware longontsteking. Toen er zaterdagmiddag was uitbetaald, gingen ze pas naar het plaatselijke ziekenhuisje. Opname, infuus, medicijnen. Na anderhalve dag was het geld op en namen ze het kindje maar weer mee. Iemand wees hen op Betesda, en via de dokter volgde heropname met financiële garantie tot volledig herstel.

2. De kinderen van het opvangtehuis in Chepén: Er wonen wat wezen, maar er komen overdag méér (kleine) kinderen die door hun (meestal in de steek gelaten) moeders worden afgegeven. Zij kan hen niet onderhouden en zo krijgen deze kinderen, via een programma van de staat, voeding en basisonderwijs. Maar er was geen budget voor medische zorg. Tijdens een griepepidemie, eind vorig jaar, zijn alle kinderen preventief en curatief langs geweest in Bethesda en nu weten ze de weg als er wat is, tot de volgende controle er voor iedereen weer is.

3. Ouderen en kinderen van de straat: Zij leven de hele dag op straat. Sommige kinderen verkopen snoep, kranten of poetsen schoenen of auto's, waarmee ze hun eten verdienen. Anderen nemen wat mee zonder te betalen. Ze gaan al of niet naar school en hebben al of niet een huis om te slapen. Sociale problemen hebben ze, teveel om op te noemen, natuurlijk. Er kwam een tienermoeder met haar baby voor griepachtige problemen bij Betesda. Ze vertelde op een gegeven moment dat ze jongere broertjes met spraakproblemen had. Die kleintjes waren (o.a. daarom) snel met de vuisten en nu definitief van school gestuurd. De moeder liet ze maar lopen, want er waren er in totaal 9, en pa kwam af en toe maar op visite, zeer agressief voor vrouw en familie. "Laat ze maar eens langskomen" nodigde de dokter. Ze kwamen en toen bleek dat hun tongriempje vastzat, ook bij de moeder, wat door niemand ooit was opgemerkt /geconstateerd! De kleine chirurgische ingreep in dit los te maken werd hun aangeboden, maar pa kreeg er lucht van en liet zijn vrouw voelen dat niemand van zijn gezin mag komen. Een gesprek met het gezin verliep moeilijk door hun laag begrip en niet aanwezig verantwoordelijkheidsgevoel voor hun gezondheid. Het aanbod blijft liggen, maar zij moeten nu het initiatief nemen om terug te komen. De chirurg is een broer van de dokter. Hij verleent wel eens bijstand met vakkennis. (De kinderarts voor een interconsult soms, is ook Christen).

4. Personen in rehabilitatie van drugs: Er is een huis beschikbaar gesteld door particulieren voor ex-drugsverslaafden. Deze mensen vangen drugsverslaafden op en zorgen dat ze niet meer gebruiken. Er is niets officieel geregeld. De familie van de verslaafde moet een klein bedrag betalen voor de inschrijving. dat wel, maar er is geen gespecialiseerde therapeut. Ze zingen een uur lofzangen aan de Heer, doen een uur gym en dan gaan degenen die al aan de beterende hand zijn brandhout zoeken om te kunnen koken. Anderen bedelen levensmiddelen bij elkaar op de markt. De besten doen wat klussen voor een zakcent. Enkelen zijn ondervoed. Ze worden niet goed ontvangen in de gezondheidscentra omdat ze geen geld genoeg hebben en om hun slecht verleden. In Betesda bleek de opgezette lymfeklieren van één van hen, na HIV- en pathologisch onderzoek, oorzaak te zijn van TBC en hij werd naar het gratis TBC-bestrijdingsprogramma van de staat gebracht. Een andere vriend onder hen kon verven en maakte het naambord voor de spreekkamer van Betesda. Een derde deed goede dienst toen ons manusjevanalles (8 uur per week werkzaam) reclamefoldertjes van Betesda in de achterbuurt van Chepén moest ronddelen. (In het centrum van Chepén wordt geen reclame gemaakt; iedereen die daar woont kan wel een consult betalen en kan elders terecht). "Daar is het levensgevaarlijk en daar kom ik niet heelhuids uit, als onbekende van hen", zei hij. De derde vriend bleek er vandaan te komen en samen knapten ze het karweitje op en werd een doelgroep bereikt.

5. De "gewone" armen: Het zijn arme patiënten die werken of niet werken, en wel of geen persoonlijk summier bezit hebben, maar door omstandigheden niet aan geld kunnen komen om de nodige medische zorg in de bestaande gezondheidscentra te ontvangen. Bijvoorbeeld: de jonge ouders die in paniek bij Bethesda binnen kwamen, met hun jongetje van anderhalf jaar, dat van een muurtje was gevallen. op zijn hoofdje. Bewusteloos. Onderzoek wees op hersenletsel. Met de mogelijkheid zat het inwendig nog kon bloeden. Een neurochirurg was gewenst voor consult. Daarvoor moesten ze naar de stad, anderhalf uur verderop.
De vader zou zijn paar schapen onderwijl laten verkopen en de familie stopte iets geld in hun hand, want vader was bewaker en zou pas een week later weer worden uitbetaald. Dit loon was eigenlijk alleen genoeg voor eten en drinken. Betesda heeft de eerste opname, medicijnen en basisonderzoeken aan hen geleend ($100,-) Ze vroegen om die mogelijkheid. We zullen er in dit geval niet op terugkomen, zou er vertraging in terugbetaling optreden... "Die aan de arme geeft, zal geen gebrek hebben; maar die zijn ogen verbergt, zal veel vervloekt worden." (Spreuken 28:27).

We hadden in principe ook de bejaarden van het bejaardentehuis op de projectomschrijving staan. Het was een klein groepje mensen die geen familie hadden om bij te wonen. Maar het was ook niet officieel. Nu blijkt het al opgedoekt. Hier zou ook onderzoek naar gedaan kunnen worden: zijn alle oude van dagen goed onder de pannen in deze streek? Een enkele die we zien, laat denken van niet en de verhalen van hun kinderen die vechten wie er nu aan de beurt is om pa/ma te verzorgen en naar een arts te brengen (lees: betalen) komen toch ook voor. Daarentegen staat de enorme groep die hun ouders als vanzelfsprekend nalopen om hen op hun oude dag te helpen en bij te staan, in al het nodige. Een voorbeeld voor Nederland?

De dokter is dus degene die fulltime in het veld zit, en degene die de verantwoordelijkheid heeft voor de verwezenlijking van het doel van dit basisproject Betesda, nl.: het verlenen van artsendienst, genezend en preventief, aan patiënten die geen geld of bezit hebben en geen kans hebben de gezochte hulp in de gemeente Chepén en omgeving te vinden, noch door middel van familie of bestaande instituten. Dan is er de parttime hulp en ik (parttime, officieel 8 uur per week) doe de administratie, coördinatie naar Nederland en ondersteunend werk voor de promotie en realisatie van Betesda alhier op dit moment.

De rondzendbrief mocht niet té lang zijn, daarom gaan we snel stoppen. Wel de eerste noodzaak in Chepén is dat we iets meer ruimte nodig hebben om fijn te werken met het laboratoriummateriaal. En dan zijn er ook wel stagiaires die hierin mee willen helpen.

We zijn heel dankbaar voor jullie voorbede, meeleven, giften (via de Stichting), kaarten, brieven en e-mails.
 
Hartelijke groeten aan u allemaal.  
 

Rondzendbrief nummer 3 / juni 2001
                        
Beste familie, vrienden en andere meelevenden.

Vandaag staat Norma centraal: "Van patiënt naar hulp"
"Toevallig" was ik assisterend op het spreekuur zelf in Chepén, toen Norma door haar moeder op het spreekuur werd gebracht. Ze zat van top tot teen onder de rode vlekjes, al 3 dagen lang. Het gaf ook zo'n jeuk, dat ze het niet uithield. Omdat ze niets hadden om medicijnen te bekostigen e.d., waren ze door bekenden van hen hierheen verwezen. Mooi, ze werden geholpen en zo begon haar behandeling tegen schimmel... want dat was het. (Haar broertje had het ook al, werd verteld, maar ze kwamen nu alleen met de bontste, uit bescheidenheid.)
Tijdens de controle vroeg haar moeder of de dokter geen hulpje in huis nodig had. Dit is een vaak gestelde vraag en deze keer was het op het juiste moment. Ik had iemand nodig die helemaal in huis kon komen. Norma bleek nog maar 15 jaar en was slechts 3 jaar naar de basisschool geweest. We zouden het proberen en zien tot hoever ze ook zou gaan werken in ons huis. Eerst moest ze helemaal genezen verklaard zijn.

Het is een opgeruimd meisje en ze kwam langzaamaan goed los. De eerste dagen bij ons, was een cultuurschok voor haar. Ze stond maar te kijken en wist niet wat te doen. Eerst haar gezegd hoe het gasfornuis werkte en dagen later haar geleerd hoe ze rijst moest koken zonder het te laten aanbranden en het ook niet meer voorkwam dat het naar gas stonk... enz. enz. 's Avonds oefenden we wel eens wat met lezen, want ook dat gaat toch nog niet goed; met het vooruitzicht, dat als ze goed kan lezen, ze naar het onderwijs voor volwassenen mag in het weekend, om de lagere school af te maken.

Dinsdagavond om 23.00 uur werd Norma doodziek wakker, braakte en had diarree, zeer acuut, en ze was wat opgezwollen. Ze had juist 4 dagen antibiotica gebruikt tegen een darminfectie die ze nog bij haar thuis had opgelopen. Verder had ze precies hetzelfde gegeten als wij, geen enkel restje was erbij. Dus ik dacht toch misschien een medicijn vergiftiging. Per telefoon kreeg ik alleen dr. Victor te pakken, die me naar de EHBO door verwees. De kinderen werden bij neefjes in bed gestopt. Deze zei dat het beter was, zwager Barn mee te nemen. Die zat nog achter zijn computer te werken t.o. de Universiteit, maar vond het geen enkel probleem.
Hij was er 5 dagen geleden nog met zijn vrouw geweest, die toen op uitdrogen stond. Gelukkig stabiliseerde Norma gauw met een infuusje. Het was tóch een bacteriële infectie, op de een of andere manier opgelopen. Om 3.30 uur in de morgen keerden we huiswaarts. Na alles ontsmet te hebben, sliep ik even, om zo tegen 6.30 uur zoonlief weer schoolklaar te maken. Een ochtenddutje en een middagslaapje deden we allen en donderdag zei Norma weer klachtenvrij te zijn, gelukkig. De vrouwenvereniging werd hierdoor maar eens overgeslagen.

Gistermorgen kwamen we pas terug uit Chepén. Het was weer een stem-zondag en we konden meerijden, met iemand die uit de wacht kwam en ook in Trujillo moest gaan stemmen. Vandaag is het nog een vrije dag voor een deel van de bevolking (o.a. de school) om terug te reizen naar de werk/woonplek. De dokter vertrok al vroeg.
Zó waren we 6 dagen in Chepén en sliepen in de tent, dat is heerlijk. Miquel en een andere werkman sliepen in de kamer van de dokter. We kookten niet want met het water zaten we krap. Er is een put, maar dat water is erg vies. Met een ton en lege flessen halen we water bij een benzinepomp. Wél zorgen we voor een ontbijt en het avondeten, maar naast de spreekkamer van Betesda is ons "stamcafé", waar ze een goed dagmenu voor F 1,75 p.p. verkopen.

We gingen met Norma naar haar huis, nou ja "huis".... Op een open plek in een droog bos staat een vervallen hut. J kunt alles zien wat binnen is. Daar woont moeder met 4 kinderen. Het is maar goed dat ik dat niet wist voor dat ze bij me kwam want dan had ik er vast helemaal geen geloof in gehad dat ze ons wat helpen kon. Gelukkig maakt de oudste zoon van 17 jaar nu leemstenen en is bezig hiermee een klein huisje te bouwen. Gelukkig zorgde een oom ervoor dat 2 kinderen naar school kunnen en via ons dan de derde. Maar de kinderen van 8 en 5 jaar van haar getrouwde zus blijken niet naar school te gaan, nog.... We moesten een keer komen (lees: eten) en dat deden we. Er waren zowaar 2 kippen en een eend geslacht. "Tjonge, eet jij zoveel als je thuis bent Norma?", zeiden we. Er werd een mooi boomstronkje gezocht zodat ik toch kon zitten, want er was niets van dien aard. Toch was alles netjes aangeveegd, er lag nergens afval. Het viel ook op dat onderwijl de haren van een zusje waren geknipt  en Norma had haar haren bij elkaar gebonden zoals ze dat bij ons moet, als ze werkt. Haar zusjes haar wilde ze nog korter knippen, maar die wilde niet meer. "Het is mooi zo", zei ik. "Doe het maar bij dit meisje." (nichtje van 5 jaar). Ze had enorme pieken om haar hoofd waaien. "Zij is nog niet gedoopt" (R.K.), was het antwoord. En dat betekent hier dat je niet geknipt wordt totdat....

Donderdag en vrijdag middag wachtten we tevergeefs uit mensen uit een gehucht, ze zouden ons vanwege onze bekendheid hier, ophalen en de gevraagde campagne starten. Het waren zeker verkiezingszenuwen... er kwam niemand. Ik stond al klaar met een fototoestel in de aanslag. Zo gaat dat wel eens.... In de wachtkamer maakten we een prikbord. De dokter had wat info voor het publiek en ik had al wat dingen over voeding gemaakt. Het hangt er en is netjes.

Tot slot een man waarbij in eerste instantie operatief een tumor (goedaardig, zo bleek na de operatie) van 2 kg. is verwijderd. Hij loopt er al jaren mee maar nu kon hij er niet meer goed door werken en kwam naar "Betesda". Het is een vrijgezel van ongeveer 45 jaar, is eigen baas en zorgt voor zijn ouders. Ze zijn te arm om dit probleem zelf op te lossen. Enkele kleine knobbels worden binnenkort nog verwijderd, D.V.

P.S. De jonge moeder van 5 kinderen, waarvoor we vorig jaar een kobold therapie regelden in Trujillo, is toch overleden.

Hartelijke groeten aan u allemaal.


Rondzendbrief nummer 4 / oktober 2001
                         
Beste familie, vrienden en andere meelevenden.

Dit keer een brief op basis van enkele brieven.

12 september: Wat gaat het goed met Betesda voor Peru in Nederland, niet? Dank jullie wel namens allen. Van de week kwamen drie soorten foldertjes voor patiënteninformatie en onderwijs klaar. Ik vind ze best mooi. Met Norma de proef op de som gedaan of ze begrijpt wat er staat. Voor velen hoort er een voorlichtingspraatje bij. Dat doet de dokter in z'n spreekkamer ook en op campagnes doen we het voor de groep. De campagnes zijn trouwens wat afgenomen: een aanvraag van een nieuw gehucht werd afgewezen, toen er een medische post mét arts bleek te zijn. We moeten eerst meer informatie hebben over de algemene toestand daar.
 
Op campagnes gaan we hoofdzakelijk naar gehuchten waar geen arts is. Nu ga ik een standaard aanplakbiljet ontwerpen voor die (gratis) campagnes. Zo hoeven de mensen het niet allen mondeling door te geven. Als er 2 of 3 aanplakbiljetten hangen, hopen we het "kapotte telefoon spelletje" te voorkomen in de toekomst. (Dat is: door het doorvertellen treden er fouten op in de boodschap). We hebben een logo ontworpen wat er op komt en waaraan b.v. ook analfabeten kunnen zien dat Betesda weer wat gaat doen... en daardoor navraag kunnen doen als ze er wat van nodig hebben. Zo zijn we altijd denkend hoe het beter kan en op vooruitgang gericht. Natuurlijk blijven we afhankelijk van de gemiddelde snelheid op de weg, al halen we graag in als een tweede baan het toelaat.
Om op die foldertjes terug te komen: één gaat op een grappige manier over parasieten en huidaandoeningen, hoe die thuis behandeld en voorkomen kunnen worden. De ander, ook ruim geïllustreerd met plaatjes, gaat over wat een kind nodig heeft om gezond op te groeien (emotioneel/sociaal). De derde had ik geschreven over voeding met behulp van de schijf van vier en ik dacht bij de drukker wel aan plaatjes te komen. "Nee, brengt u wat plaatjes uit tijdschriften mee a.u.b." Kwamen die Libelles van 8 jaar oud weer van pas... O.K. De volgende keer: "de proefdruk is overmorgen klaar". Prima. Toen: "wilt u het op fouten corrigeren". Dat was wel nodig... de automatische taalcorrectie op hun computer deed het schijnbaar niet meer. Nou ja, met de 5e visite aldaar was het toch mooi klaar. Hoera!

16 september: De dokter zit zijn nieuwe GSM uit te proberen. De vorige (tweedehands gelukkig) is door een plotselinge stroomstoot in het net van Chepén kapot gegaan. (In heel het centrum van Chepén is stroom, dus ook bij de spreekkamer, maar daaromheen is het niet goed afgeschermd. In zijn woon/slaapkamer heeft hij dus geen stroom, wel zonnepanelen en/of accu). Die stroomstoot was weer eens een slordigheid van de elektriciteitsmaatschappij, die wel een koelkast, t.v. en of ander huishoudelijk apparaat kostte van verschillende buren. Hun klacht werd met een smoesje weggewerkt. Maar goed, de dokter heeft gelukkig weer een ander, want ook de afgelopen dagen moesten we er mee werken, hij in Chepén naar mij in Trujillo en omgekeerd.
 
Er kwam een weduwe (35 jaar, 4 kinderen onder de 13 jaar, de oudste werd vorig jaar op straat vermoord) naar Trujillo, die hier bij Betesda haar oogoperatie ondergaat. De buren helpen haar met reiskosten, één blijft bij haar in het ziekenhuis, een ander zorgt zolang voor de kinderen en Bethesda staat garant voor de opname, operatie en medicijnen.
Een andere jonge vader met osteomyelitis is hier ook een operatie aangeboden, maar hij kan de stap nog niet nemen want naast de dokter bezoekt hij ook nog een traditionele "toverdokter" die hem met kwakzalverij nog in zijn greep heeft, al hielp het niet. Hopelijk krijgt hij gauw inzicht in zijn werkelijke situatie. De derde die deze dagen naar Trujillo moet, naar een kinderarts / neuroloog, is een jongetje van vijf en een half jaar, dat langzaamaan bijna blind is en nauwelijks loopt. Oma had 12 eigen kinderen (nog 9 in elven) allen nu onder de 18 jaar, maar verzorgd dit wees-kleinzoontje er dus ook bij. Eerst ondergaat hij hier wat gespecialiseerde onderzoekjes om te weten wat de oorzaak is en wat er aan gedaan kan worden. Als ze aankomen zal ik ze dit keer opvangen: ze reizen voor het eerst naar de grote stad, ze hebben geen buren die mee kunnen en ze zijn analfabeet.

3 oktober: Ik ben erg onder de indruk van het patiëntje dat de dokter hier naartoe heeft gestuurd. In anderhalve dag is vastgesteld, dat zijn ontwikkeling dat van een kind van 3 jaar is; gelukkig geen aangeboren toxoplasmose, "alleen maar" chronisch en acuut ondervoed, na een traumatische geboorte. Oma droeg hem in haar draagdoek, zo vertederend. Na die dag van op tijd en tussendoor eten, kon hij best glimlachen en verdween de apathie al van zijn gezichtje. Nu wordt de behandeling hoe hij het best geholpen en gestimuleerd kan worden, met steun en begrip van oma, die nog 6 mondjes onder de 12 jaar thuis heeft, op een rijtje gezet. Het moet worden genoemd, dat zeer toegewijde lokale professionals hem hielpen. De neuro-kinderarts behandelde hem keurig en uitgebreid, al kwamen ze rechtstreeks van het veld zonder gedoucht te zijn. Voor de zeer erkende oogarts (die jaarlijks op congres naar Amerika gaat) geldt hetzelfde en ze deed het bovendien gratis. De logopediste gaf een instructieschrift mee vol met oefeningen om in Chepén te gaan gebruiken, zomaar en zonder treuzelen... Wat een zegeningen van onze Heer die dag.
 
 
Toch... ondervoeding, ongeschooldheid... oorlogvoerend in de wereld, bewerkstelligd "men" meer van zulke situaties, helaas. De tekst die we eens in een kerkje op de rand van de jungle uit ons hoofd moesten leren, komt nu boven: "Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de geweldhebbers van deze wereld, de duisternis van deze eeuw, tegen de geestelijke boosheden in de lucht", en dan Johannes 3:16 natuurlijk: "Want al zo lief heeft God de wereld gehad, dat hij zijn eniggeboren zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe".

11 oktober: We moeten soms zo lachen om de mensen van het "platteland", van alles vertellen ze, en hoe ze reageren.... Een vrouw gisteren bijvoorbeeld. Ze had wel 5 zilverkleurige ringen om. Puur nep. Hier voor E0,30 per stuk te koop. Maar typisch uit het veld, nooit onderwezen op school, hebben dit soort mensen soms nooit gehoord over "echt" en "nep". Zelfs hun huiselijke communicatie is erg beperkt. Mogelijk heeft niemand hen verteld dat "goudkleur" anders kan zijn dan "het edelmetaal goud". Zo niet, dan weten ze dus niet de waarde van goud of zilver. Wat blinkt is mooi. Het leven drijft op emoties en spontaniteit, zoals dat van een kind. Dus: ik gaf nog een restje kleding aan haar en zei: "We gaan weer op stap en dan komen we hier niet meer terug. Dan kunnen jullie aan het eind van de ochtend door naar Chepén". "Och" zei ze toen, "geef mij die ring dan als herinnering", en wees op mijn enige ring... de trouwring! "Nou" zei ik, "die heb ik van mijn man gekregen..." En toen was het ook weer goed voor haar.

20 oktober: Antrax. U zult er "alles" al over gehoord hebben onderwijl. Oorspronkelijk een armoedeziekte, voortkomend uit slechte hygiënische voorzieningen rondom de veestapel. Maar gezien de situatie mag ik nu toch wel zeggen dat de dokter er in 1996 er op afstudeerde.! Hij stond op het punt een onderzoek te beginnen toe er in Chepén een uitbraak van antrax was: Zijn broer, chirurg, riep hem: "ik moet een patiënt met intestinale antrax opereren, kom je helpen en we maken er iets mooist van". Ze wagen hun reputatie eraan. Na 7 operaties was de patiënt gered en is nog in goede welstand, zo ook het medisch personeel. Van de overige 18 patiënten met huidantrax overleed er één door bloedvergiftiging. Daarom is ook de huidantrax gevaarlijk als het niet op tijd onderkend en met antibiotica behandeld is.
Misschien interessant voor u ook: Alle antrax onderzoeken en rapporten wereldwijd gepubliceerd tussen 1989 en 1996 laten zien dat er jaarlijks uitbraken zijn, al of niet met menselijke besmetting gepaard gaande. Een greep eruit: 1987: 4000 nijlpaarden dood door antrax, 1991: 24 patiënten in Duitsland, 1992 antrax in Wales, Zwitserland verklaart tweejaarlijks een geval te onderkennen, met nu een grotere uitbraak. Verder regelmatig in Spanje, Italië, China etc.

Tot slot: Waarom wordt het pokkenvirus nog steeds bewaard, als de ziekte al jaren uitgeroeid is? De vraag om de gouden ring was gemakkelijker op te lossen. Paniek? Wel, het is niet niks wat er zich afspeelt. Maar toch, de uiteindelijke dood komt niet eerder dan dat aan de beurt bent. Napoleon won, won, ... verloor... nam vergif in..., maar was niet aan de beurt en moest nog een tijdje verder leven. Juist daarom, laten we samen bidden om vrede... van God, met God... samen... hier op deze wereld. Dan maakt het niet meer zoveel uit wáár we ons bevinden met Kerst en Nieuwjaar.

Vrede voor 2002 gewenst allemaal.