Rondzendbrieven uit 2007

Rondzendbrief nummer 17 / maart 2007

DEZE RONDZEDBRIEF IS ALLEEN OP INTERNET GEPLAATST

Voor een groen rijstveldje.

Beste familieleden, vrienden, bekenden en verdere lezers waar dan ook,

Op de vooravond van kerst (hier de hoogtij-nacht van het kerstfeest) kwam de dokter niet alleen met een gegrilde varkensdij op een grote ovenplaat binnen, maar er kwam ook bezoek mee uit Chepén. ‘Ja, hij is meegekomen om bij ons Kerstfeest te komen vieren.’

Er staat een flink uit de kluiten gewassen tiener van 15 jaar achter de dokter. Ik ken hem wel. Carlos. Het is de enige zoon van een serieuze dagloner, die wel eens voor ons werkt. Zijn moeder overleed vlak na zijn geboorte, en zijn pleegmoeder heeft hem met 200 % toewijding grootgebracht. Zijn vader heeft ook altijd al het mogelijke gedaan om hem niet alleen naar school te laten gaan, maar ook eens wat extra’s te kunnen toestoppen.

Maar de tienerjaren vallen hard. Opa is een grote onruststoker. Opa verdient beter dan pa, en geeft hem mooie kleren, een GSM, etc, etc, en zegt dat hij maar bij hem moet blijven wonen, daar is het beter dan in die armoe thuis. Tot in het bureau ‘rechtsbijstand’ zoekt opa dit uit. Als Carlos hem assisteert in de zwarte magie sessies, vangt hij ieder keer ook een flinke fooi. Dat lijkt hem. Dan hoeft hij ook niet meer naar school, waarom??

De ouders zitten in zak en as. In opa’s wijk zwerven veel jongens van een bende van 35 leden rond, en nu was hij uitgenodigd op hun kerstparty, waarna ze de tegenbende op zouden gaan zoeken. Dat zou zeker vechten worden. Het jaarfeest van Chepén is afgelast, omdat er een week eerder in het naastgelegen dorp een confrontatie was tussen de twee bendes. 40 gewonden door hoofdzakelijk glassneden, door kapotgeslagen bierflessen veroorzaakt.
De ouders kwamen naar Betesda om raad. Dat was al eerder gebeurd, en ze waren al overgebracht naar de zorg van de plaatselijke protestantse kerk voor geestelijke rust en bescherming.

 
In de woonwijk van Carlos’ opa.

Omdat Carlos de dokter ook goed kende, zocht de dokter hem op, en nodigde hem uit naar Trujillo te komen.

Het kerstfeest in de kerk bezochten we samen, Carlos werd hartelijk welkom geheten en met gebed omringd. Kerst was mooi zo samen. Het ontbrak hem aan niets. We gingen naar het strand en de dokter praatte en praatte met hem.
Samen gingen ze in de nieuwe werkweek weer terug naar Chepén.
Eén confrontatie was ontlopen, Carlos was even helemaal uit zijn omgeving geweest om zijn situatie te overdenken. Maar nu moet hij zelf kiezen en verder.
God weet hoe hij op het goede spoor mag komen. Voorbeden gevraagd voor hem, zijn ouders, opa en omgeving.

Het Aidshulpprogramma.

Eerst wat over Ana en haar gezinnetje: Door de verplichte nasporingen waar zij en/of haar man besmet kunnen zijn geraakt, is eruit gekomen, dat het zij vroeger van een vriend heeft gehad, die onderwijl al overleden is aan de ziekte. Dat is een zeer harde dobber voor haar man, die niet alleen maar drager is, zoals zij, maar dus regelmatig al erg ziek. Ana zorgt zoveel ze kan voor hem. Soms scheld hij haar het huis uit. Menselijk gezien is zij zijn vroegtijdige doodsoorzaak. Bid mee voor hemelse vrede voor ieder in dit gezin.

Dank voor de financiële steun hiervoor: Ana’s gezin is hierdoor gegarandeerd van medische hulp en verder is er de verpleegster Lola, die in Chepén de leidster is van de regerings infectieziekteprogramma's. Ze is ook Betesda’s contactpersoon geworden in dit onderwerp, en heeft een klein donatieschrift gekregen waarin alles staat waar het voor gebruikt wordt.
LoLa is een struise tante, van oorsprong uit de bergen. Als vrijgezel laat ze zich door niemand van de sokken praten en ze weet waar ze voor staat: voor haar werk.

De opsporing en /of nasporing van besmette patiënten vraagt om veldwerk.
Het betreft : TBC, geslachtsziekten, en Aids. Regelmatig is ze te vinden in het bordeel, of in de discotheken om rond middernacht patiënten die hun afspraak niet nakwamen, ‘aan de oren’ weer bij hun behandeling te trekken, en nieuwe personen op te zoeken die door patiënten aangewezen zijn als hun mogelijke besmettingsbron.
Dapper en bewonderenswaardig werk.

Maar nu zijn we weer bezorgd, want gisteren bleek dat háár moeheid gepaard gaat met opgezette lymfeklieren, en nu is ze acuut met ziekteverlof voor onderzoeken.
Voorbeden gevraagd, dat het van tijdelijke aard mag zijn.

Er zijn veel dingen die verband houden met de gezondheid in de breedste zin van het woord:
-De productie van voedingsmiddelen,
-de verdeling van de landbouwgronden,
-het onderwijs,
-hoe de mensen zich onderling gedragen.
Als hier geen goede balans in zit, veroorzaakt dat ziekten, en gelijktijdig verarming. En de balans zit er in Chepén nog helemaal niet in. Grote werkloosheid en ongeschooldheid onder de jeugd. Zoveel dagloners zonder eigen land. Drank en drugsgebruik, jeugdbendes.
En zij die het land bebouwen, doen dat nog veel op weinig vooruitstrevende noch ecologisch verantwoorde manier.

We reden vorig jaar eens over de akkers en weer waren de gronden allemaal schoongebrand. Dat is een verarming van de aarde. Al tien jaar, zei ik, en nog gaan ze door met afbranden na de oogst. Ja, antwoordde de dokter, en in de weken dat de één na de andere akker ‘schoon’ gebrand wordt, is de luchtvervuiling schrikbarend. Het aantal patiënten met astma en allergieën dat naar Betesda komt, stijgt opvallend die dagen.

Zonder het eerst te weten, was het niet meer in dovemansoren gevallen: alleen voorbeeld doet hier volgen, dacht de dokter. Er schijnt geen andere weg te zijn, want het idee om al pratend, en pratend met de boeren dat ze samen eens een maïskneuzer moesten installeren om van het maïsgroen veevoeder te maken, (daar kunnen ze vee van mesten ) was nooit opgepakt.

Een apart agrarisch project werd door hem opgezet. Ten eerste heeft dat er vorig jaar toe geleid dat er 3200 werkdagen gecreëerd werden, dus 3200 daglonen, dat is 3200 families die zelf voor een dag goed te eten hebben verdiend.
Vervolgens werd opdracht gegeven, dat na de kolvenverzameling het maïsgroen niet verbrand mocht worden. Maar het werk was op huurland, en de eigenaar die dat van ver af hoorde was helemaal niet gesteld op iets nieuws, door een arts geleid, en nog wel op zijn land. Stiekem liet hij in een hoek het vuur erin zetten. vuur

Gelukkig kon het grootste deel gespaard blijven, en dat werd verzameld op een terreintje, dat een 84-jarige oude vriend van de dokter voor een jaar beschikbaar heeft gesteld, omdat deze om gezondheidsredenen bij zijn kinderen ging wonen. Daar staat nu een maïskneuzer die deze maand februari in gebruik is genomen. Hij verwerkt 1000 kg. per uur. De maïsstengels worden handmatig in de kneuzer geleid en aan de andere kant opgevangen.


Robert en onze Fidel, allebei 3 jaar. Zie het verschil in grootte!

Dat is werk voor o.a Daniel, vader van o.a. Robert. Als gezin wonen ze meteen vrij erbij in het huisje als bewakers. Dit projectje staat los van buitenlandse fondsen, maar het gaat ten eerste om goed landgebruik en werkverschaffing, en is zoals gezegd, nauw verweven met armoedebestrijding en gezondheid, en daarom als illustratie dit keer genoemd.

Met Cintia uit rondzendbrief 9 is het heel fijn gelopen. Na haar depressie raakte ze verliefd, verloofd, en ze is nu gelukkig getrouwd met een lieve jongen en er is een baby'tje geboren. Ze wonen nog bij de schoonfamilie, maar die zijn erg aardig. Ze mogen samen leven in de wetenschap dat het echte geluk van boven af, door God, geleid wordt.
Af en toe komt ze even in Betesda hallo zeggen.

Familieleven:

Gijs en Alida gingen om de beurt een paar dagen met hun vader mee naar Chepén als vakantie-uitje. Ze ‘hielpen’ hem in Betesda met groot enthousiasme.

Oma kwam over uit Nederland, en werd met het ‘Wilhelmus’ door Gijs op het orgel gespeeld, verwelkomd. Alida deed een balletdansje zo goed als dat lukte in de huiskamer. Fidel sprak haar – in het Spaans – toe… Wat hadden ze veel bij te spijkeren. Zien is toch anders dan horen.

We genoten onder warme temperaturen in deze tijd van het jaar (weken was het 30 graden in huis), van dagelijkse bezigheden en ook van wat uitjes. Dit keer naar Mancora, een heerlijk strand-oord (zie internet) waar de golven ons uitnodigden te bodyboarden, en het zeebanket goed smaakte.

Gijs en Alida zijn goede zeezwemmers geworden. Er komt hier veel toerisme om te surfen op de oceaangolven. Fidel is vermakelijk apart. Met zijn nog maar 3 jaren, duikt hij prachtig en zwemt korte afstanden en doet een uur mee op eigen kracht met de groten in een zwembad van 1 meterdiep.

Nederlandse les blijft extra voor hen, Fidel kan nu ermee beginnen, nu hij met Spaans op gang is. Dat is heel wat werk voor 3 kinderen nu, naast hun vele interesses en hobby's. Ze kiezen, en in maart begint de gewone school ook weer, en wordt er een nieuw schema gemaakt. Full.

Kerk

Na Fidel’s geboorte had ik geen vaste taak meer in de kerk (in Trujillo) aangenomen, om de afstand die het van ons huis af ligt, en de familie die veel nodig had. Maar er was geen zondagsschooljuf voor de kleuters in deze kerk in opbouw, die IEPP Manuel Arevalo heet. En als het je als klein kind niet op jou niveau verteld wordt, wanneer en hoe dan wel? Dan lopen die kleintjes er maar verloren tussen, en dus ben ik toch weer actief in het hele kinderwerk. In maart is de bijbelvakantieclub. Mogen er meer arbeiders in het kinderwerk komen.

   
Oma op de vrouwenvereniging.  Amerikaans ontwerp van de kerk in aanbouw

Onder leiding van een Amerikaanse zending wordt de kerk verder gebouwd en ook staan naast de kerk al de fundamenten van een kliniek. Oma heeft veel foto’s gemaakt, leidde twee weken het kaarten maken (de Dikky Pofferts modellen) op de vrouwenvereniging, at dapper konijn, gans, geit, en nou ja, vraag haar maar hoe of wat, want ze heeft veel verhalen om te vertellen. Fidel zei – in het Spaans J – door de telefoon tegen oma, die weer in haar eigen huis zat: U moet weer komen, oma.” Een oma is iets moois voor kinderen.

Hartelijke groet,
 
 
Rondzendbrief nr. 18, juni 2007

Lieve familie, vrienden en alle meelevenden,

Kunt u al een beetje wennen aan het veranderende klimaat? Ook zoveel zon al vroeg in het jaar, met allegevolgen voor de waterhuishouding.

Nou, van de week hebben we hier in de woestijnkust voor het eerst echte herfstdagen gehad, zoals ik die herinner uit Nederland: dichte mist in de morgen, die je verkilt, en somberheid en klamheid gedurende de rest van de dag.

Laten we meebidden voor President Bush en zijn wijze medewerkers, over de beslissingen die ze nemen met betrekking tot het veranderende wereldklimaat, met zoveel (rampzalige) gevolgen.

De rondzendbrief van maart jl. laat veel foto’s zien over Betesda met zowel de medische als de agrarische derde wereld context, de jeugdbendes in Chepén, het aids-programma, de Amerikaanse zendingshulp in de kerk, toeristisch (Hawaï) surfen, en wat persoonlijke noten. Hij is op de website www.bethesdavoorperu.nlgepubliceerd, en makkelijk te printen eventueel.

Om de draad daarvandaan op te pakken wat betreft de zorg om de verpleegkundige Lola het volgende: Wat het precies geweest is, heb ik niet bij de hand, en José zit te ver weg op dit uur om het na te vragen, maar er was een behandeling met zegen mogelijk en ze is na 6 weken terug op haar werk. Wel sprak ze zich uit, dat het misschien goed zou zijn, als ze van taak wisselde in de nabije toekomst met een jongere verpleegster. (Lola is 45 jaar) want altijd is zij de dappere, kordate leidinggevende onder de patiënten met TBC, aids en geslachtsziekten, maar soms beginnen de verhalen en werkbelevenissen erg te drukken; het zijn allemaal zwaarwegende, trieste situaties.

Over begrafenissen en vertrouwen.

Een begrafenis is hier volgens gebruik een groot familiefestijn. De dode wordt de laatste eer bewezen door hem dag en nacht te vergezellen naast de baar tot aan het uur van de begrafenis. Maar die is al zo’n anderhalve of twee dagen na het overlijden...

Verder wordt de genegenheid en laatste waardering getoond in de vorm van bloemenhulde als kransen, bloemkruizen en bloemstukken. Het is een drukte van belang. Er wordt gekookt voor alle aanwezigen. ’s Nachts eerst koffie en hete soep, maar dat is niet voor iedereen genoeg tegen de nachtkou… en dan komt er drank bij. Na de begrafenis is er nog een afscheidseten, en een afscheidsslokje… Je moet wel erg arm zijn, als je dat niet voor de meelevenden kunt regelen op de ene of andere manier.

De protestanten staan erom bekend niet te drinken, ook dan niet. En veel gehuil achter de baar wordt overstemd door zingende geloofsgenoten die meegaan.

Maar bij het overlijden van Eusebius was er noch gehuil, noch gezang.... Er heerste een gevoelloze overgave aan het lot, dat hij op dertienjarige leeftijd was overleden aan buiktuberculose. Er was nog het mogelijke gedaan toen ze (veel te laat) bij de dokter kwamen en acuut allemaal in het regeringsprogramma voor tuberculosebestrijding opgenomen werden voor de verplichte, gratis behandeling. Een groot gezin, waar het een stille opluchting is, als een zwaar zieke wegvalt.

De laatste zorg was nu, hoe een overlijdensakte te krijgen, om Eusebius legaal te kunnen begraven. Dat is praktisch gezien wereldwijd nog een laatste inkomen voor de arts en de begrafenisondernemer... Op zo’n moment zegt Spreuken 14:20, "wordt de arme zelfs door zijn vriend gehaat", want alles kost, en er kan geen koffie af....

Omdat Eusebius thuis was overleden, kwamen zijn ouders bij het TBC-programma een huisbezoek vragen, een vereiste voor het certificaat natuurlijk. Ze kwamen uit het gehucht Huaca Blanca, 20 minuten over een B-weg, en vervolgens 30 minuten hobbelweg. Geen arts was er die dat voor de aangeboden prijs kon doen. Toen uiteindelijk José erbij geroepen werd (Betesda), was het mogelijk voor hem dat in zijn dagplanning op te nemen. Maar toen konden de ouders het niet geloven dat deze dokter in de naam van Jezus mee wilde, zonder condities te stellen. Ander personeel welk hem geroepen had, moest hen geruststellen dat het vertrouwd was, en dat José uit een speciaal spreekuur voor dit soort gevallen geroepen was.

En zo kwamen ze aan bij de baar van Eusebius. Een kist van goedkoop afvalhout, welk in het midden van een lemen kamertje stond. Geen bloemen, geen visites, alleen de broers en zusjes, oma en opa. Aan iedere kant van de baar een houten bankje. In afwachting tot er begraven kon worden, en het leven van iedere dag weer door zou kunnen gaan, de strijd om te overleven in dit geval.


Uit de boekencijfers van 2006 kwam het bewijs wat José natuurlijk al wist: Er zijn veel meer patiënten geweest dan het jaar ervoor in Betesda. En de dagen dat er een vervanger is, daalt het cijfer: ze komen liever terug bij de ‘eigen’ arts. José zegt: Er zijn nog veel arme mensen, en relatief weinig geven het ‘volle pond’ voor een consult, wat gelijk is aan het goedkoopste consult in een staatsziekenhuis. De categorie ‘alleenstaande moeders’ blijft een zich steeds herhalend probleem, vooral ook voor hun kleine kinderen. Verder laten de statistieken zien dat er zowel onder de kinderen als onder de volwassenen veel meer vrouwelijke patiënten zijn. Is dit in overeenkomst met de bevolking? Men zegt dat er veel meer vrouwen dan mannen zijn hier.

Een dankbare patiënt (foto ontbreekt)
Ze is 100% analfabeet, en zet in plaats van haar naam, een kruisje onder het bewijs voor een bedragje waarmee ze haar zoon met een opgezette limfklier van 3 cm. in de nek, met spoed naar een specialist kan brengen.

In augustus a.s. wordt er weer een nationale volkstelling gehouden, en dan zal het opnieuw te vergelijken zijn. (Iedereen moet die zondag van de volkstelling verplicht in zijn huis blijven, waar men langs de deur komt om het hele formulier over de familie en alle aanwezigen in te vullen. Nee, er mogen geen kerkdiensten gehouden worden tot 16 uur, noch zijn zwembaden, kroegen e.d. geopend die dag...)


Voor de komende tijd en het komende jaar, verwacht José nog meer toeloop (helaas!?)

Dit omdat de modernisering doorzet van de landbouwmachines. Er zijn meer rijstoogstmachines en ook tractoren om te ploegen te huur gekomen, wat goedkoper is dan het handwerk van de mensen. Maar de dagloners zelf wilden ook loonsverhoging per taak, wat er bij veel boeren niet af kon, dus die gingen dan toch over op de landbouwmachines. En wat voor werk blijft er nu voor alle dagloners (veel vrouwen doen dit werk ook) over? Een groot probleem.

Ter afsluiting van Betesda: Er zijn wat mooie toezeggingen gedaan, maar we hebben nog dringend medicijnen nodig dit jaar.

Met Gijs, Alida en Fidel gaat het goed. In deze tijd van het jaar, naast het huiswerk, wat minder sporten, omdat het relatief koud is, en wat meer muziek maken. Dat is best gezellig.
In een artsenenquête over werkstress, scoorde José als enige 0 % stress… En als je weet hoe, en hoeveel uren hij méér werkt en minder slaapt als de gemiddelde arts alhier… Het is een gezegendelevenskunstenaar! En ik geniet mee. De Heer zij dank.

Ontvang allemaal onze hartelijke groeten,

 
Rondzendbrief nr. 19, december 2007

Lieve familie, vrienden en alle verdere meelevenden,

 

Van(a)sociaal en biologisch.

 

Mensen zijn zo gemaakt, dat men zich op den duur toch aanpast aan een situatie die niet naar de hand gezet kan worden. Wat wonderlijk te zien: de wet van de overleving.

 

Toch was het weer verbazingwekkend te zien hoe mensen in de buitenwijken zich aan ‘armoe’ aanpassen: Heeft u geen water? Geen toilet? Heeft u ook geen latrine gemaakt? Waarom niet? Het is uw eigen terrein van 120m2 en past daar geen latrine op?? Hoelang woont u hier? 4 jaar. Oh.

De man werkt 7 dagen per week van 7 tot 22 uur beunhazend daar waar hij werkjes vindt. De vrouw is hoogzwanger. Eén meisje van 3 jaar en een oma die slecht ter been is door een halfzijdige verlamming. Dat is de familiesamenstelling.

 

In zo'n geval is een wijkcommissie belangrijk. Samen met buren krijgen ze voor elkaar wat men niet alleen kan. Ook de aanvragen en bureaucratische rompslomp kan men dan op gang brengen om bijvoorbeeld waterleidingen te krijgen naar hun wijk. Een arts kan een belangrijke coördinator zijn, om de aanzet te geven voor de eerste organisatie. (zoals José op meerdere plaatsen gedaan heeft. )

 

De onverharde weg zit vol vliegen. ‘s Nachts gooit de buurt hun vocht naar buiten...

 

Als eerste visitewerk heeft de 'club van de moeders' (een wijkgaarkeuken in een arme buurt, door de regering gesteund met levensmiddelen) een middag met het thema 'hygiëne en schoonmaak' gepresenteerd. Goed, we beginnen maar met wat zij willen.

Vooraan zitten vele kinderen die met open mond de poppenkast-les' volgen. Maar ook de platen bij het verhaal over die vlieg die z’n voeten nooit waste voor hij aan tafel ging wordt gretig gevolgd. "Dus daarom nooit vergeten het klaarstaande water of voedsel af te dekken", praat ik verder.

Dan klinkt opeens helder door het lokaal: "Je kunt hem beter doodslaan". Dat was onze Fidel (4) die onder de toehoorders zat. Hij vond het tijd worden voor duurzamere oplossingen...

Nu zijn we bezig in die wijk de juiste leiders te identificeren om tot een vaste commissie te komen die samen met de bevolking verder aan verbeteringen van 'water/riool en afval op straat' gaat werken.

 

 

 

 

   
Moe van het wachten                          Leren handen wassen

 

José blijft druk o.a. met de patiëntengroep 'alleenstaande moeders'. Helaas kwam het derde geval van tienerzwangerschap door verkrachting binnen dit jaar. Een man van 60 jaar klimt over de muur van de achterplaats en vergrijpt zich aan zijn buurmeisje van 13 jaar.

 

1. Hij heeft al een aanklacht van verkrachting van zijn eigen dochter op zijn naam, maar hij blijft vrij rond lopen (hij koopt zich uit).

2. De baby is geboren, in het ziekenhuis. De vader van Jenny (de tienermoeder) wil echter 'geen kind van de zonde' in huis, en ook de moeder zegt dat ze te arm zijn om er nog één te onderhouden. (Jenny heeft drie broers en is zelf ondervoed).

3. Jenny heeft herhaaldelijk aan José gezegd dat ze niets anders wil dan voor haar baby te zorgen. Ze kan er niet van slapen dat haar ouders haar dwingen het af te staan. Ze laat zien een goede moeder te zijn.
4. Betesda heeft de eerste wegwerpluiers en benodigdheden gegeven, maar nu verschijnt er via het maatschappelijk werk aleen geïnteresseerde mevrouw voor adoptie.

5. Omdat er aanvragen voor adoptiekinderen bij de rechter en het maatschappelijk werk binnen komen, wordt kinderhandel in de hand gewerkt. 'Jenny is minderjarig en heeft daarom geen recht van spreken in de zaak' was hun eerste uitspraak.

6. José, als behandelend arts, gaat een directe confrontatie met de rechter aan, en is op zoek naar een kinderherberg waar Jenny met haar baby terecht zouden kunnen. Om het hele trauma, is het toch beter dat ze uit huis gaat voor een tijdje. Het is een race tegen de klok.

 

     
Een schoolbandje                             Koude winter

Er zijn vele (internationale) hulporganisaties actief in Peru rondom het probleem 'geweld tegen vrouwen'.Maar de nood is hoog en dringend wat betreft de opvang van alleenstaande tienermoeders (dat is juridisch ingewikkelder, dat wel). Uw voorbeden gevraagdvoor dit hele onderwerp.
En misschien is er wel iemand onder u die tijd heeft onderzoek te doen naarde hulpverleningsituatie aan tienermoeders in Peru, voor wat concretere bruikbareinformatie.
Graag bericht naar jantine-rose@hotmail.com

 

Met Carla (13) ishet goed afgelopen voor zover de situatie het toeliet. Als enig kind, werkte ze buitenshuis, dan hier, dan daar, om voor haar ouders het eten op tafel te brengen. Moeder (55) lijdt aan Altzheimer en vader (80) kan ook niets meer. Ze werd verkracht door een man van middelbare leeftijd die vervolgens 'verdween'. Er wordt opeens een baby geboren (thuis, zonder controles etc.). Ze komt met baby naar Betesda.
Een nog zo onvolwassen moedertje zegt dat ze niet weet wat te doen. Ze moet voor haar afhankelijkeouders zorgen, maar kan de baby er niet achterlaten om te gaan werken, want haar moeder is te 'gevaarlijk' in haar dementie, en vader kan niets meer.
'Als we iemand bereid vinden om samen voor de baby te zorgen, wil je het dan zelf grootbrengen?' is de vraag. Ja, dat wel. Tijdelijke opname van het baby'tje in het ziekenhuis is nodig, en de boel wordt op een rij gezet, zowel het biologische (gezondheid) als sociale aspect.

Een zus van de oude vader is gelukkig nu wel bereid te helpen: Eén zorgt er nu voor de huishouding en de baby, en de ander gaat werken, en zo wisselen de twee vrouwenelkaar af. Zo zien we zo nu en dan een flinke Carla, gelukkig met haar kindje.

 

Verder gaat al het werk door, de aids-patiënten, de kansarmen, er zijn veel problemen.

De eerste (ook alleenstaande) moeder met aids van onze groep overleed nu toch. Het oudste kind (12) is met een tante mee gegaan en de twee jongsten met een ander familielid.
De verpleegster Lola heeft een opvolgster gevonden. Ook dat is reden voor dankbaarheid, want haar gezondheid liet dit zware veldwerk niet meer toe. Ze is nog bereikbaar voor vragen en advies, als de 'nieuwe' vrijwilligster dat nog nodig heeft.

 

Ah... afsluitend nog beter nieuws: halverwege het jaar heeft Betesda een ruimer onderkomen voor dezelfde prijs gevonden. De oude wachtkamer was een heel smal gangetje en te klein voor alle mensen die 's middags en 's avonds op het vrije spreekuur komen, zodat men vaak buiten op de stoep zat te wachten.

Alleen het uithangbord is van de nieuwe voorgevel af gestolen, toen het nog niet extra (Peruaans) 'verzegeld' was, maar er alvast los aanhing. Nou, ja, die is dus meteen vernieuwd na 7 jaar 'Betesda' en de stichting 'Bethesda voor Peru' uit Nederland!

 

Weer een jaar voorbij; dank voor de trouwe steun van oude en vele nieuwe meelevenden. Werken waar de Heer roept, en geven aan wie de Heer op de wegbrengt.
José is een voorbeeld arts geworden voor zijn eigen mensen in zijn eigen land.

 

Mensen komen, mensen gaan. De liefde van onze Heer blijft voor allen bestaan:
Uitziend naar zijn wederkomst: Gezegende kerstdagen en een gezellige jaarwisseling gewenst!